Er was eens een klein meisje, Lisa, dat veel hield van spelen in de tuin, het liefst met haar diervriendjes die ze in de tuin aantrof: de familie konijn en de egeltjes, maar ook de rupsen, vlinders, kevers en wormen. Lisa woonde aan de rand van het oude bos en haar moeder had gezegd dat ze altijd in de tuin moest blijven, omdat het oude bos te gevaarlijk was. Op een dag kwam kleine Mats langs, hij was Lisa's schoolvriendje, en hij zei dat hij naar het oude bos ging om hout te sprokkelen voor de kachel. Zijn moeder had gezegd dat hij aan de rand van het oude bos voldoende hout kon vinden. Kleine Mats vroeg Lisa om mee te helpen, maar Lisa zei dat ze de tuin niet uitmocht van haar moeder, omdat het oude bos te gevaarlijk was.
'Ach', zei kleine Mats, langs de rand van het oude bos is het niet gevaarlijk,' zegt moeder. 'Ik ben niet bang, dan ga ik wel alleen.'
En zo liep kleine Mats verder terwijl hij zijn houtkarretje achter zich aantrok. Nu aarzelde Lisa toch of ze kleine Mats zou volgen of dat ze beter naar haar moeder zou luisteren. Ach wat, dacht ze, ik ben al groot en ook niet bang en langs het oude bos zal er heus niks gebeuren. Toen liep ze door het tuinhekje de tuin uit en rende achter kleine Mats aan naar het oude bos. Samen zochten ze nu naar sprokkelhout en na een tijdje zei kleine Mats:

'Kijk Lisa, daar ligt veel meer hout, kom mee.'
Het sprokkelhout in de verte lonkte en ze verlieten het pad langs de rand van het oude bos. Ongemerkt waren ze opeens midden in het oude bos beland. Toen het karretje vol was rustten kleine Mats en Lisa uit op een open plek in het bos aan de rand van een grote kolk. Pas nu beseften ze dat ze toch van het pad waren afgeraakt en diep in het oude bos waren. Angstig keken ze om zich heen en ze hoorden alle geluiden heel sterk. Kleine Mats en Lisa werden er heel stil van. Maar juist in die stilte hoorden ze een zacht geruis, stemmen die haast zingend spraken. En toen zagen kleine Mats en Lisa iets heel wonderlijks. Voor hun in het midden van de open plek zagen ze vier wezens diep in gesprek met elkaar. Hun kleding was gemaakt van een doorzichtig wolkachtige stof die zachte kleuren uitstraalde. De kinderen keken vol verwondering toe. Het leek wel of deze wezens hadden gewacht op de kinderen, want nu begonnen ze in een kring te overleggen, eerst in een vreemde taal, en toen keken ze even in de richting van kleine Mats en Lisa en plotseling konden ze alles verstaan in hun eigen taal. Kleine Mats en Lisa luisteerden ademloos.


Het eerste wezen had een prachtige groene uitstraling en hij werd aangespoken als Boomelf. Boomelf wees naar de toppen van de bomen en de andere elfen volgden zijn blik.
'Zie,' zei Boomelf, 'de toppen worden niet meer groen, de aarde droogt uit en de voeding komt niet meer tot aan de boomtoppen.'
De kinderen keken naar boven en toen zagen ze ook de kale boomtoppen waar ze nooit eerder op hadden gelet.
'Ja,' zei Waterelf, 'Dat is zorgelijk.' Waterelf straalde met prachtige zilverblauwe kleuren. 'Ik heb geprobeerd het meer te laten regenen zodat de aarde meer voeding en vocht naar de boomtoppen zou sturen, maar het lijkt wel of de aarde alles opslokt en het water laat verdwijnen.'
'Dat komt,' sprak nu okerkleurige Aarde-elf, 'omdat de aarde hier zo droog is geworden. Er komt haast geen vocht meer dieper in haar eigen wezen. Deze planten en bomen hebben meer nodig en het zou jammer zijn als dit oude bos woestijn wordt, dat is er al genoeg op de aarde.'
Oranjegeel vlammend Vuurelf vroeg zich af of het zou helpen als hij die bomen met de kale toppen zou verbranden, dan zou er meer ruimte in het bos komen, vond hij.
'Maar,' kwam nu Luchtelf tussenbeide, 'ik kan jullie helpen door alle wolken hiernaartoe te blazen en boven dit oude bos te laten uitregenen, dagen achter elkaar. Zou dat helpen?' Luchtelf was omringd door transparante violette kleuren.
'Ja, ja, dat helpt vast en zeker,' zeiden de anderen, 'laten we dat afspreken.'

Toen hoorden de elfen een nieuwe stem. Deze stem hadden ze al heel lang niet gehoord. Er stroomde een helder goudgeel licht om hen heen en nu herkenden ze de stem van Lichtelf die sprak:
'Jullie kunnen de aarde toch niet laten verdrinken door het alleen maar heel veel te laten regenen of door de bomen te laten verbranden? Ik kan jullie helpen om meer licht in het oude bos te laten komen. Als ik nu af en toe extra schijn dan komt er meer warmte en damp in de lucht en krijgen de aarde en bomen voldoende vocht en voeding.'
De andere elfen sprongen verschrikt op. Daar hadden ze helemaal niet meer aan gedacht. Hoe kon dat nou? Het was de laatste tijd ook zo donker in het bos dat ze Lichtelf vergeten waren. Ze keken elkaar beschaamd aan en vroegen Lichtelf of hij hen wilde helpen.
'Ja natuurlijk,' antwoordde Lichtelf, 'kijk niet alleen maar om je heen of naar beneden, kijk ook eens omhoog.'
Ze deden wat Lichtelf hun vroeg en ja, daar straalden gouddruppels licht tussen de boomtoppen en zachte regendruppels maakten de bladeren vochtig en takken begonnen te bewegen en dansen op de wind. De aarde werd zachter en liet de gouden lichtstralen doordringen tot in haar kern, het was of ze wakker geschud werd uit een diepe slaap. Het water van de kolk werd lichter en waterdruppels schitterden weer. Dieren kwamen tevoorschijn en verzamelden zich om de kolk in het oude bos. De dieren begonnen zelfs te zingen als een veelstemmig koor. De vier elfen begrepen nu dat ze teveel bezig waren geweest met hun eigen element en dat ze Lichtelf helemaal vergeten waren.

Kleine Mats en Lisa verroerden zich niet, ze keken hun ogen uit en luisterden ademloos naar de elfen. Het oude bos zag er niet meer eng uit, alle planten, bomen, dieren, aarde en water werden aangeraakt door vrolijke kleuren. Plotseling schrok Lisa op en zei tegen kleine Mats:
'Ik moet snel naar huis, want moeder zal ongerust zijn, ik mag al helemaal niet uit de tuin gaan.'
Maar ze wisten de weg terug niet meer en toen werden ze toch heel bang en zo liepen ze hand in hand door het bos te zoeken naar het pad.
'Wacht eens,' zei kleine Mats, wat hebben we zojuist gezien?'
'Dat we niet alleen naar beneden en om ons heen moeten kijken, maar ook naar boven,' zei Lisa.
En dat deden ze. Ze stonden stil, keken naar boven en daar verscheen Lichtelf die heel vriendelijk zei:
'Voel hoe het licht nu het juiste pad zichtbaar maakt voor jullie.'

Kleine Mats en Lisa waren niet meer bang, recht voor hen uit zagen ze de weg uit het oude bos. Met hun houtkarretje liepen ze naar huis waar vader en moeder al ongerust wachtten. Toen vertelden ze van hun avontuur en nu werden vader en moeder ook blij en keken ze met andere ogen naar het oude bos. Ze zagen dat er om het oude bos weer een nieuwe glans straalde. De mensen uit het dorp werden weer vrienden met de elfen en men was niet meer bang voor het oude bos. Sindsdien werd het oude bos door alle mensen met veel respect behandeld en goed verzorgd dankzij het avontuur van kleine Mats en Lisa.